Mycoplasma

Mycoplasmose bij kippen komt door verschillende soorten mycoplasma. Deze zijn M. gallisepticum (M.g), M. synoviae (M.s) en M. meleagridis (M.m). Bij bedrijfsmatig gehouden pluimvee zijn deze meldingsplichten van toepassing op de Mycoplasma soorten.

Soorten Mycoplasma

  • M.Gallisepticum komt bij kippen en kalkoenen voor en veroorzaakt vooral ontstekingen van het respiratieapparaat en bij oudere dieren ook legproblemen.
  • M.Synoviae komt voor bij kippen en kalkoenen. Naast stammen die affiniteit hebben voor het respiratie-apparaat en aanleiding geven tot nog niet waarneembare infecties, zijn er ook stammen die affiniteit hebben voor gewrichten en de eileider. Vooral de laatste twee stammen veroorzaken de meeste schade. De gewrichtsstammen geven aanleiding tot ontsteking van gewrichten en pezen. De eileider stam veroorzaakt eischaalpunt afwijkingen (EPS) die leiden tot een verhoogde breuk en daling in de productie van eieren.
  • M.Meleagridis komt voor bij kalkoenen en kan aanleiding geven tot ontstekingen van het respiratieapparaat, skeletafwijkingen bij jonge dieren en verminderde groei.

Eigenschappen van Mycoplasma's

Mycoplasma's zijn kwetsbaar voor ontsmettingsmiddelen en uitdroging. In de meeste gevallen overleven ze in een lege, schone en droge stal niet lang. In eierresten kunnen ze echter dagen tot weken overleven. In een toom kippen zijn Mycoplasma's praktisch niet uit te roeien. Korte na het besmetten van een kip zitten de kiemen al in de luchtwegen en de luchtzakken. Medicijnen zijn daarom niet effectief genoeg. Behandeling tegen Mycoplasma's is daarom nooit voldoende; de besmetting blijft altijd aanwezig in de toom.